Van boerderij tot landgoed

Landgoed Hizzard bij Lollum, van boerderij tot landgoed

© Dit artikel is op 17 augustus 2011 verschenen in weekblad Extra, huis-aan-huis-krant voor Franeker en Harlingen e.o., en is hier geplaatst met toestemming van de auteur Geale Groen (e-mail) en de uitgever Harlinger Courant.

LOLLUM – Midden in de ‘‘wereld’’, onder de rook van Lollum, loopt de Hizzarderlaan richting Arum en Witmarsum. De terp valt meteen op, vooral door de waterpartijen en het bloemetjesland. Achter de kunstmatige verhoging in het land zijn jonge bomen aangeplant, zodat er zich op termijn een bos kan ontwikkelen. Het vijf hectare grote gebied hoort bij de stjelp van de familie Kaastra, die fier aan de weg staat. De boerderij dateert uit de negentiende eeuw, maar dat is niet te zien. Alles oogt nieuw door twee ingrijpende restauraties in 2002 en 2009. Oude stenen worden als nieuw door ze te bikken. It ‘hiem’ wordt goed onderhouden. Het gras is gemaaid en de bloemen staan in de volle zon te pronken op de tuin. ‘It leit der kreas by’ en dat moet ook, wat het geheel kreeg vorig jaar officieel de titel ‘Landgoed’ en dat mag pas als er aan de nodige eisen wordt voldaan.

Landgoed Hizzard, van boerderij tot landgoed

Landgoed Hizzard, van boerderij tot landgoed

Nederland telt honderden landgoederen en Fryslân tientallen. De meeste bevinden zich in de omgeving van Balk en Beetsterzwaag, maar ook De Klinze bij Giekerk kreeg het predikaat Landgoed en voldoet dus ook aan de normen van de NSW (NatuurSchoonWet), die dateert uit 1928. Een van de doelstellingen van deze wet is om eigenaren van grond in staat te stellen bestaande waardevolle gebieden, of ander erfgoed, te bewaren voor het nageslacht of om iets mooi op het gebied van natuur of cultuur te maken of te ontwikkelen. Dat laatste was het geval bij Piet en Martha Kaastra. Zij zijn bezig met het transformeren van het voormalige weiland rond de boerderij tot een mini-natuurgebied, dat straks ook nog beperkt toegankelijk is voor publiek.

De natuur

Er is wat fantasie voor nodig om te zien hoe het er over tien jaar uitziet. Vanaf een bankje kan de bezoeker nu nog over de enorme vijver heen, naar de terp kijken die meters boven het maaiveld ligt. Een pad voert er naar toe. Overal staan beelden en sculpturen, maar dat is tijdelijk. Over tien jaar ligt de waterpartij verborgen in het bos en is de terp vanaf dit punt waarschijnlijk aan het oog onttrokken, want er zijn vijfentwintighonderd bomen aangeplant. Aan de andere kant van de terp ligt open veld en kan de bezoeker genieten van bloemetjesland, met hier en daar een stukje drasland. Dat wordt kunstmatig nat gehouden door een pomp die op zonne-energie werkt, zodat zich op die plekken een andere fauna kan ontwikkelen. Verderop, tegen de weg aan ligt de tweede waterpartij en die is nog groter. Overal zijn paden zichtbaar met hier en daar houten banken. Piet maakt ze zelf. Verder is Landgoed Hizzard diverse bloementuinen, een groentetuin en een kas rijk.

De eisen

Iemand die de titel landgoed wil verwerven voor zijn of haar eigendom, moet een test doorstaan. Het gebied moet, aaneensluitend, minstens vijf hectare groot zijn en moet voor een substantieel deel uit natuurgebied bestaan. De opstallen in het gebied moeten passen in het geheel en dan gaat het om esthetische waarden. Tenslotte verplichten de eigenaars zich om het landgoed minimaal vijfentwintig jaar in stand te houden. Verkopen mag, maar dan wel met deze restrictie. Het spreekt voor zich dat de eigenaars het landgoed in goede staat houden. Maar het hoeft allemaal niet voor niets, want er staan belastingvoordelen tegenover. De grond is OZB vrij en voor de opstallen geldt niet de economische, maar de bestemmingswaarde en mochten de kinderen het landgoed erven, dan hoeven ze over de waarde geen successierechten te betalen. Het is allemaal te lezen op de site van de NSW. Maar rijk worden Piet en Martha niet van deze voordelen, want die wegen niet op tegen de investeringen die gedaan zijn en nog gedaan moeten worden om het landgoed in goede staat te houden en dan hebben we net niet eens over de uren die beiden in hun hobby moeten steken. Want ze doen alles zelf.

Gjin CV

En daar hebben ze bewust voor gekozen in 2008. Ze kozen voor een ‘ander leven’ nadat Martha hersteld was van een ernstige ziekte en ze aan den lijve hadden ondervonden hoe betrekkelijk alles is. Dat wisten ze natuurlijk wel, maar toen het leven nieuwe kansen bood, maakten ze werk van het cliché. En dat had grote gevolgen voor hun onderneming, het loonbedrijf, waarin beiden een drukke taak hadden. Piet en Martha zijn de derde generatie Kaastra die op de boerderij woont. Piet is er net niet geboren, want toen woonden zijn grootouders nog op de boerderij. Piets vader werkte toen al op de boerderij, maar hij woonde nog met z’n ouders in Lollum. Een paar jaar na zijn geboorte verhuisden zijn ouders naar de stjelp. Piet kan zich niet anders herinneren dan dat hij op de boerderij heeft gewoond, die toen nog traditioneel was ingericht. Martha: “Twa keamers oan de foarside, in sneinse- en in keukenkeamer, in lange gong fan 22 meter der êfter lâns, in sliepkeamer beneden en de bêrn sliepten boppe. Fia in doar yn de gong kamen jo dan yn it bûthús.” Ze weet het zo goed omdat de situatie nog zo was toen zij Piet eind jaren zeventig ontmoette. “Der wie gjin CV. Ik heugje my in gaskachel mei in lange piip en in houtkachel en wat wie it winters kâld.”

Thuiszorg en loonbedrijf

Maar die tijd is geweest, want niet alleen het exterieur, maar ook het interieur van de boerderij is veranderd. De koeien verdwenen in 1987 uit het bûthús naar de ligboxenstal die was gebouwd, in de boerderij werd een CV installatie gelegd en de kamers werden gemoderniseerd. Maar de lange gang is er nog. De geur van de koeien, die via een deur de gang in stroomde, is al lang verleden tijd. Martha groeide op in Franeker en herinnert zich de woorden van haar schoonvader nog heel goed toen hij haar ervoor waarschuwde dat zij op den duur op de boerderij zou moeten wonen. Bang dat hij was dat het ‘stêdsje’ heimwee zou krijgen naar de drukte in de stad. Maar ze had geen moeite met het boerenleven, de vergezichten en het stille landschap om haar heen. In 1981 was het zover. Het jonge gezin vertrok naar de boerderij en vanaf dat moment was ze echt boerin. Maar ze wilde toch wat meer doen. Toen de kinderen wat ouder waren volgde ze een studie Maatschappelijke Dienstverlening en viel daarna in als leidinggevende in de Thuiszorg als vervanger. Piet was in 1995 ook een tweede tak begonnen. Een loonbedrijf en toen dat goed begon te lopen werd het zo druk, dat Martha nodig was op de boerderij en in het loonbedrijf. Ze stopte met de Thuiszorg. Het was 1996. Martha: “It wie te drok. De buorkery, it leanbedriuw en ferjit net dat wy ek noch in gesin mei trije bern hienen.”

Het roer ging om

De eerste ingrijpende verandering kwam in 2002, toen beiden besloten om de veehouderij af te stoten. Martha: “Net omdat it net goed gie, mar de regels yn de feehâldery namen mar ta en dêr hie Piet gjin nocht mear yn. Hy is gjin administrateur. Hy hie folle mear nocht oan it wurkjen yn it leanbedriuw en dêrmei is der trochgien.” Een jaar later werd de voorkant van de boerderij gerestaureerd. Alles ging van een leien dakje. Hard werken, maar leuk. Tot de nare mededelingen in 2007 en de behandelingen, de genezing en daarna de beslissing om het leven anders in te richten. Martha: “It roer gie om. Der is mear as jild allinnich. Piet hat noch hieltyd it leanbedriuw, mar de druk is no fan de ketel ôf. Wy dogge no ek oare dingen, lykas it moai hâlden fan it landgoed. Dêr bin ik de hiele dei drok mei. Fierder nimme wy no de tiid foar hobby’’s. Ik haw pianoles en Piet wurket mei hout.”

Duurzame energievoorziening

Maar er gebeurde meer in de hoofden en het leven van Martha en Piet. Ze wilden dat anderen ook konden genieten van de mooie dingen waarmee ze bezig waren. Er moest iets speciaals komen en het moest duurzaam en blijvend zijn. Martha: “It hiele spul moast beimekoar bliuwe. Sa lang mooglik.” En zo ontstond het idee van een landgoed. Mooi en duurzaam maken! Zelfvoorzienend en milieuvriendelijk. Daarom wekken 150 zonnepanelen en een windturbine genoeg elektriciteit op voor eigen gebruik. Matha: “No, net hielendal, want jo sitte mei de piken. Mar dan lefere wy werom oan it net.” Verder wordt op het landgoed gebruik gemaakt van aardwarmte. In de grond liggen honderden meters slangen waar doorheen water wordt gepompt op stroom van een kleine 5 KWH windmolen. De aarde verwarmt het water tot een bepaalde temperatuur. Martha: “En dan hawwe wy ek nog in tank fan 5000 liter weryn reinwetter opfongen wurdt foar ûnder oare de waskmasjine en de wc’s. Foar de tún en de kas binne der twa tonnen fan beide 1000 liter.”

Kunstexpositie

Nog even terug naar de kunstwerken in het gebied dat voor natuur is bestemd. Ze staan er tijdelijk en dat geldt ook voor de kunstobjecten in de schuur. Drie kunstenaars, Ge Corporaal- van der Heide, Sjoerd Jansons en Sikko de Vries, exposeerden in de maand juni op het landgoed en dat had alles te maken met de relatie tussen Martha en haar pianolerares Ge, die ook schildert. Er zijn momenteel geen plannen om een blijvende expositieruimte te maken in de boerderij of in het landgoed. Martha: “Nee. Ik haw der gjin nocht oan dat der altyd minsken op it hiem en yn de skuorre binne. As de minsken it hiem opwolle om alles te besjen, dan moatte se har by de doar melde. Dat stiet allegear wol op it buord by de dyk.” Op 1 juni werd de expositie officieel geopend. Er kwamen 250 mensen op af. Het was prachtig weer en ze konden overal in het gebied wandelen. Martha: “En dat wie prachtich. O sa gesellich.” Want ze houdt toch wel van wat mensen om haar heen, want het is erg stil in het gebied tussen Lollum en Arum. Maar wel erg mooi.